Laatst bijgewerkt 18 augustus 2026
De krabpaal staat er nu twee weken. Je kat heeft er één keer aan gesnuffeld, is er misschien even op gaan zitten, en verder gebeurt er niets. Ondertussen gaat het krabben op de bank, de deurpost of het trapkleed gewoon door. Dat voelt als geld weggooien, maar een kat die de krabpaal niet gebruikt, wijst zelden de paal zelf af.
Krabben is voor een kat geen ondeugd maar een basisbehoefte: hij rekt zijn rug en poten, houdt zijn nagels in conditie en laat een zichtbaar en ruikbaar spoor achter. Waar hij dat doet, hangt af van de plek, de stevigheid, de hoogte en het materiaal. Hieronder vind je eerst een overzicht van oorzaak en oplossing, daarna de uitleg per oorzaak en een stappenplan om je kat de paal alsnog te laten ontdekken.
Snel antwoord
Waarom gebruikt mijn kat de krabpaal niet?
- Meestal ligt het aan de plek: een krabpaal in een stille hoek doet niets, want krabben is voor een deel communicatie en hoort bij de looproute en de slaapplek.
- Daarna volgen stabiliteit (een paal die meegeeft, gebruikt geen enkele kat twee keer), hoogte en materiaal.
- Zet de paal pal voor de plek waar hij nu krabt, beloon elke poging en verplaats hem daarna in kleine stappen.
Oorzaak en oplossing in een overzicht
Begin bij de rij die je herkent. De bovenste oorzaken komen het vaakst voor en kosten het minste moeite om uit te sluiten.
| Wat je ziet | Waarschijnlijke oorzaak | Wat je eraan doet |
|---|---|---|
| Hij loopt er dagelijks langs zonder te kijken | De paal staat in een hoek waar verder niets gebeurt | Verplaats hem naar de looproute, de slaapplek of het raam |
| Hij krabt aan de bank die er vlak naast staat | De bank biedt meer houvast of een fijnere structuur | Zet de paal pal voor de plek die hij nu kiest |
| De paal wiebelt als hij zich eraan uitrekt | Te lichte of te smalle voet | Verzwaar de voet, zet hem tegen een muur of kies een steviger model |
| Hij rekt zich uit tot boven de paal | De paal is te laag voor zijn lengte | Kies een model waarin hij zich volledig kan strekken |
| Hij krabt liever op de mat, het tapijt of de trap | Voorkeur voor horizontaal krabben | Bied daarnaast iets plats of schuins aan |
| Hij snuffelt eraan en loopt weg | Onbekende geur van nieuw materiaal | Laat de paal luchten en breng vertrouwde geur aan |
| Hij gebruikt hem alleen als de andere kat weg is | Concurrentie om de plek | Zorg voor meer krabplekken, verspreid door het huis |
| Hij krabt sinds kort veel meer en ook op nieuwe plekken | Er is iets veranderd in huis, of er speelt iets anders | Kijk naar veranderingen; bij twijfel naar de dierenarts |
Oorzaak 1: de plek klopt niet
Dit is verreweg de meest voorkomende reden, en gelukkig ook de makkelijkste om te testen. Wij zetten een krabpaal daar waar hij niet in de weg staat: in de hoek van de logeerkamer, achter de bank, op de overloop. Voor een kat is dat precies de verkeerde plek, want krabben is niet alleen nagelonderhoud.
Een krabspoor is een boodschap. De kras is zichtbaar, en via de kussentjes in zijn poten laat je kat er geur bij achter. Zo’n boodschap zet hij op plekken die ertoe doen: bij de deur waar iedereen binnenkomt, langs de route naar de voerbak, naast de plek waar hij slaapt.
Waar de paal wel werkt
Er zijn drie plekken die vrijwel altijd beter scoren dan een stille hoek. Ten eerste vlak bij de slaapplek: veel katten krabben direct na het wakker worden, en wat dan binnen handbereik staat, wint. Ten tweede in of net naast de looproute door de woonkamer. Ten derde bij een raam of een verhoging met uitzicht, waar hij toch al graag zit.
Twijfel je tussen mooi en werkzaam, kies dan eerst voor werkzaam. Een paal die gebruikt wordt, mag daarna in kleine stappen verhuizen naar een plek die jou beter uitkomt, zolang je maar per keer niet meer dan een halve meter opschuift.
Oorzaak 2: de paal is niet stevig genoeg
Een kat zet bij het krabben zijn volle gewicht en trekkracht op de paal. Geeft het geheel dan mee, of kantelt de voet een stukje, dan is dat voor de kat een duidelijk signaal: dit is geen betrouwbaar houvast. Meestal probeert hij het daarna geen tweede keer, en gaat hij terug naar de bank, die altijd blijft staan.
Let vooral op de verhouding tussen de hoogte en de voet. Een hoge paal op een klein, licht plaatje werkt als een hefboom. Bij een zware of grote kat valt dat sneller op. Zet zo’n model tegen een muur of in een hoek, verzwaar de voet, of kies een uitvoering met een bredere basis of een bevestiging aan de wand of het plafond. Wat je precies kunt controleren, staat in het overzicht bij krabpaal en stabiliteit.
Oorzaak 3: de paal is te laag
Krabben is voor een groot deel rekken. Je kat zet zijn voorpoten zo hoog mogelijk en strekt zijn hele lijf uit, van de nagels tot aan zijn achterpoten. Kan hij zich niet volledig uitstrekken omdat de paal daarvoor te kort is, dan levert het krabben hem maar de helft op.
De praktische maat neem je bij je kat zelf: laat hem tegen de deurpost of de bank omhoog rekken en kijk waar zijn voorpoten uitkomen. De krabmogelijkheid moet minstens tot die hoogte doorlopen, met wat marge erboven. Bij grote rassen loopt dat flink op, en juist daar zijn veel instapmodellen te kort; wat er dan wel past, lees je bij een krabpaal voor een grote kat.
Oorzaak 4: het materiaal spreekt hem niet aan
Katten hebben uitgesproken voorkeuren voor wat er onder hun nagels moet gebeuren. De meeste gaan af op ruw, verticaal draadwerk dat een beetje meegeeft en dat hoorbaar rafelt: dat is de reden dat sisaltouw op de meeste palen zit. Maar een deel van de katten kiest liever grof karton, ongeschaafd hout of stevig tapijt.
Kijk daarom naar wat hij nu al kiest. Krabt hij aan de rieten mand, dan is er een voorkeur voor natuurlijk vezelwerk. Gaat hij voor de zijkant van de bank, dan zoekt hij strak gespannen stof. Zoiets is niet altijd één op één na te maken, maar het geeft wel de richting aan. Een paal die met glad, geperst materiaal is bekleed valt vrijwel altijd af.
Verticaal of horizontaal
Niet elke kat krabt omhoog. Katten die de deurmat, het trapkleed of het vloerkleed te grazen nemen, hebben een horizontale voorkeur, en daar helpt geen enkele paal tegen. Leg dan iets plats of licht schuins bij: een krabmat of krabplank ligt laag, past onder de bank en is een logische aanvulling in plaats van een vervanger.
Oorzaak 5: de paal ruikt nog nergens naar
Een nieuwe krabpaal ruikt naar het magazijn en de verpakking. Voor jou nauwelijks merkbaar, voor je kat de eerste informatie die binnenkomt. Een kat die er kort aan snuffelt en dan wegloopt, wijst niet het model af maar het feit dat er nog niets van hemzelf op zit.
Laat een nieuwe paal een paar dagen luchten voordat je hem definitief neerzet. Wrijf hem daarna zachtjes aan met een dekentje waar je kat op ligt, of aai je kat langs zijn wangen en strijk met dezelfde hand over de paal. Bij veel katten werkt kattenkruid of valeriaan als extra zetje, al reageert lang niet elke kat daarop en jonge kittens meestal helemaal niet. Sprays met een sterke eigen geur werken vaker averechts dan mee.
Oorzaak 6: er is concurrentie om de plek
Woon je met meerdere katten, dan gaat het zelden alleen om de paal. De krabplek met het beste uitzicht wordt geclaimd, en dat gaat zo subtiel dat je het vaak niet ziet: een blik of een zit op de looproute ernaartoe is genoeg om de ander weg te houden. De onderliggende kat zoekt dan een eigen plek uit, en dat wordt de bank.
De oplossing is meer aanbod in plaats van één beter model. Verdeel de krabplekken over verschillende kamers en verdiepingen, zodat geen kat langs een ander hoeft om te kunnen krabben. Hoeveel plekken redelijk zijn bij twee of drie katten, staat uitgewerkt bij hoeveel krabpalen je per kat nodig hebt.
Zo laat je je kat de krabpaal alsnog ontdekken
Werk deze vier stappen in volgorde af. Reken op dagen tot enkele weken, niet op één avond.
- Zet de paal op de probleemplek. Niet ernaast en niet in dezelfde kamer, maar pal voor de plek waar hij nu krabt. Zo hoeft hij zijn gewoonte niet te veranderen, alleen zijn ondergrond.
- Maak hem oninteressant waar hij nu krabt. Leg tijdelijk iets over de bankhoek dat geen grip geeft, of zet er iets voor. Doe dit tegelijk met stap 1, nooit los ervan, anders neemt hij simpelweg de volgende hoek.
- Beloon wat vanzelf gebeurt. Zet je kat er niet met zijn pootjes tegenaan; dat vinden de meeste katten onprettig en het levert precies het omgekeerde op. Krabt hij zelf, ook maar één haal, zeg dan rustig iets aardigs of leg een snoepje boven op de paal. Spelen met een hengeltje dat langs de paal omhoog gaat, werkt bij veel katten beter dan welke aansporing ook.
- Verplaats daarna geleidelijk. Werkt de paal na een week of twee, schuif hem dan een halve meter per paar dagen op richting de plek waar jij hem wilt hebben. Stopt het gebruik, ga dan een stap terug.
Veelgemaakte fouten
- De paal in de logeerkamer zetten. Uit het zicht betekent voor een kat: niet de moeite waard om te markeren.
- Je kat met zijn pootjes tegen de paal duwen. Dat maakt de paal juist een plek waar iets vervelends gebeurt.
- Straffen of wegjagen bij de bank. Je kat leert er hooguit van om te wachten tot jij weg bent, en de spanning die dat oplevert maakt krabgedrag meestal erger.
- Alleen het krabben afleren zonder alternatief. Krabben zelf gaat er niet uit; je kunt het alleen verleggen.
- Te snel opgeven. Twee dagen is te kort. Reken op enkele weken voordat een nieuwe plek echt is ingesleten.
- Een versleten paal laten staan. Als het touw glad en hard is geworden, biedt hij geen grip meer en gaat je kat op zoek naar iets beters.
Let op: als het krabgedrag plotseling verandert
Eén situatie hoort niet in het rijtje hierboven thuis. Krabt je kat ineens veel vaker, op nieuwe plekken, laag bij de grond of juist bij deuren en ramen, dan is dat vaker een reactie op spanning dan een kwestie van de verkeerde paal. Denk aan een verhuizing, een nieuwe huisgenoot, verbouwing, of een kat buiten die langs het raam loopt.
Ook het omgekeerde is een signaal: een kat die altijd krabde en er nu mee stopt, of die er duidelijk moeite mee heeft om zich uit te strekken. Zie je dat, of vertoont hij daarnaast andere veranderingen in eten, poetsen of toiletgedrag, maak dan een afspraak bij de dierenarts. Stel zelf geen diagnose en verander niet eerst nog een halfjaar van krabpaal.
Wat is je volgende stap?
Blijkt de plek prima maar de paal echt niet te voldoen, bijvoorbeeld omdat hij te laag is, wiebelt of het touw glad is geworden, dan is het geen kwestie van geduld meer. Soms is repareren genoeg: hoe je versleten sisaltouw vervangt, staat bij een krabpaal repareren. Is het model gewoon te licht of te klein, dan helpt vervangen wel. Waar je dan op let qua hoogte, voet en materiaal lees je in de gids over de krabpaal.
Gaat het je vooral om de bank die eronder lijdt, dan is dat een eigen aanpak met een eigen volgorde. Die staat stap voor stap uitgewerkt bij een kat die aan de bank krabt.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het voordat een kat een nieuwe krabpaal gebruikt? Vaak enkele dagen tot een paar weken. De juiste plek en een vertrouwde geur versnellen dat het meest; een paal die op de goede plek staat, wordt soms al binnen een dag geprobeerd.
Mag ik mijn kat met zijn pootjes tegen de krabpaal zetten? Liever niet. De meeste katten ervaren dat als vervelend en koppelen dat gevoel aan de paal. Lok hem liever met een hengeltje langs de paal omhoog en beloon elke eigen krabbeweging.
Werkt kattenkruid om een krabpaal aantrekkelijk te maken? Bij een deel van de katten wel, maar lang niet bij alle; erfelijke aanleg speelt mee en jonge kittens reageren er meestal niet op. Zie het als een extra zetje, niet als de oplossing.
Mijn kat krabt alleen op de vloer en niet omhoog, wat nu? Dan heeft hij een horizontale voorkeur. Leg iets plats of licht schuins bij op de plek waar hij nu krabt, naast de paal en niet in plaats daarvan.
Wanneer ga ik ermee naar de dierenarts? Als het krabgedrag plotseling sterk toeneemt of juist stopt, als je kat zich zichtbaar moeilijk uitstrekt, of als er tegelijk iets verandert in eten, poetsen of toiletgedrag.
Samenvatting
Een kat die de krabpaal negeert, wijst meestal niet de paal af maar de plek: krabben hoort bij de looproute, de slaapplek en het uitzicht, niet bij een stille hoek. Controleer daarna stevigheid, hoogte en materiaal, want een paal die meegeeft of te kort is, verliest het altijd van de bank. Zet de paal pal voor de plek waar hij nu krabt, beloon elke eigen poging en schuif hem pas daarna in kleine stappen op.
Bekijk het oorzakenoverzicht opnieuw